Historie

Nijkerkers zijn trots op hun stad. Waar buitenstaanders nog wel eens vragen of het geen dorp is, staat het voor Nijkerkers buiten kijf: Nijkerk is een stad. Reijnout IV, hertog van Gelre, verleende Nijkerk namelijk stadsrechten in 1413. Dat was vooral een strategische beslissing: bij het verkrijgen van stadsrechten hoorde de plicht om stadsmuren en -poorten te bouwen, en de hertog wilde van Nijkerk graag een ‘vest’ maken, omdat het op de grens met het Sticht lag, het gebied van de bisschop van Utrecht, waarmee hij regelmatig in oorlog was.

Er zijn twee mogelijke verklaringen voor de herkomst van de naam Nijkerk: de naam kan ontstaan zijn toen na een grote veenbrand een nieuwe kerk werd gebouwd, die de naam Niekerck (Nieuwe Kerk) kreeg. Daarnaast kan Nijkerk, in dialect uitgesproken als Niekark, ook een verbastering zijn van ‘Nieuw Ark’. Ark was een van de oudste nederzettingen. Toen Ark werd verzwolgen door de zee, verhuisden de bewoners naar hoger gelegen grond.

In de zes eeuwen die volgden op het verkrijgen van stadsrechten groeide Nijkerk uit tot de mooie stad die het nu is. De succesvolle teelt van tabak bezorgde Nijkerk in de achttiende eeuw haar ‘Gouden Eeuw’: het bracht voorspoed en welvaart. In het mooie historische centrum van Nijkerk is hier nog veel van terug te zien.

Een mooi voorbeeld is de beroemde witte toren van de Grote Kerk. Tabaksbladeren sieren de preekstoel en de toren, die in 2012 is uitgeroepen tot mooiste kerktoren van Nederland. Ook het carillon is veelgeprezen. Elke maandagmiddag wordt het carillon bespeeld met de ‘Boerendeun’, als eer- en dankbetoon aan de boeren die in 1777 met hun paarden de zware klokken de toren in hielpen hijsen. Ook op vrijdagmiddag, tijdens de weekmarkt, bespelen de beiaardiers het carillon.

Tot 1979 werd er elke maandagmorgen vee verhandeld op het Plein, midden in Nijkerk. Als herinnering daaraan werd het jaar daarop voor het eerst Boerenmaandag gevierd; een traditie die nog steeds wordt voortgezet. Op deze maandag in april ziet het Plein er weer even uit als vanouds, met koeien, schapen, tractors én een borreltje.

Nijkerkers zijn niet alleen trotse inwoners van de stad Nijkerk, ze zijn ook allemaal ereburger van de Amerikaanse stad Schenectady. Deze stad, gelegen in de staat New York, werd in 1662 gesticht door de Nijkerker Arend van Curler (ook wel Van Corlaer genoemd). Hij werd in 1620 geboren op boerderij Corlaer, die nog terug te vinden is in de wijk met diezelfde naam.

Toen Arend van Curler zeventien jaar oud was, vertrok hij op uitnodiging van zijn oom naar Amerika. Deze oom, Kiliaen van Rensselaer (1586-1643), was een van de oprichters van de West-Indische Compagnie (WIC), een onderneming die handel dreef met Noord- en Zuid- Amerika en West-Afrika. De WIC stichtte een kolonie bij de monding van de rivier de Hudson: Nieuw Amsterdam, het huidige New York. Deze kolonie breidde zich uit langs de Hudson en kreeg de naam Nieuw-Nederland. Het koloniseren werd gedeeltelijk door particuliere ondernemers gedaan. Kiliaen van Rensselaer was daar een van, al deed hij het niet zelf: hij schakelde er als patroon verschillende mensen voor in. Zo vertrok ook zijn achterneef Arend van Curler naar Amerika. Van Curler werd boekhouder en secretaris en later handelscommissaris van zijn oom. In 1662 vertrok hij naar een gebied langs de rivier de Mohawk, en stichtte daar de nederzetting Schenectady.

Van Curler overleed in 1667, maar in de twintigste eeuw werden de banden tussen Nijkerk en Schenectady weer aangehaald. Nijkerk en Schenectady hebben sinds 1984 een uitwisselingsprogramma, waarbij jaarlijks volwassenen en jongeren over en weer reizen en verblijven in gastgezinnen. In 2013, bij de viering van zeshonderd jaar stadsrechten, werd een officiële stedenband ingesteld.

Sinds een fusie in 2000 hoort ook Hoevelaken bij de gemeente Nijkerk. Samen met Nijkerkerveen en de buurtschappen Holkerveen, Driedorp en Appel vormt het een mooie gemeente die deel uitmaakt van Regio Foodvalley, een regionaal samenwerkingsverband van acht gemeenten in de Gelderse Vallei waar de voedingsindustrie een belangrijke rol speelt.

We kunnen Nijkerk met recht een ‘stad vol smaak’ noemen: van agrarisch stadje met veel landbouw, veeteelt én een grote veemarkt is het uitgegroeid tot stad die nóg meer voedsel produceert dan vroeger, en dat voedsel ook verwerkt, distribueert én natuurlijk  consumeert. De mooie historische binnenstad telt veel restaurants, cafés en terrasjes, maar er zijn ook genoeg andere smaakmakers: leuke winkels, prachtige monumenten, interessante culturele instellingen, gastvrije hotels en mooie fiets- en wandelroutes.

Lekker Nijkerk, uw bezoek meer dan waard!

Inmiddels telt Nijkerk ruim 42.000 inwoners.

 

Historische foto’s: Collectie Museum Nijkerk.

© 2021 All rights reserved | Webdesign Perron18 | Ontwikkeling Embite Privacybeleid | Sitemap | Login